1.3. soorten onderzoeksvragen

10 XP

Wanneer je op je school informatie wil verzamelen over een specifieke vraag, focus of prioriteit, doe je onderzoek. Bij de start, formuleer je een onderzoeksvraag. Een onderzoeksvraag helpt je om gericht en gefocust te werk te gaan, en zal als het ware je houvast zijn tijdens het proces.

Onderzoeksvragen stel je wanneer je een antwoord wenst op een specifieke vraag of uitdaging, bijvoorbeeld:

  • je wil inzicht in de prestaties rond een bepaald domein.

  • je wil een probleem oplossen.

  • je wil prestaties verbeteren.

  • je wil weten hoe je de sterke prestaties kan borgen in de toekomst.

  • je wil meer inzicht in oplossingen.

  • ...

Afhankelijk van waar je staat in het proces kan je vier verschillende soorten onderzoeksvragen onderscheiden: identificatievragen, diagnosevragen, actievragen en evaluatievragen.
We zijn snel geneigd om actievragen ("Hoe kunnen we... verbeteren?") te stellen. We willen weten hoe we iets kunnen verbeteren of aanpakken. Onderwijsmensen zijn echte doeners. Om goede actievragen te kunnen formuleren hebben we een goed beeld nodig van onze uitdaging, de gewenste situatie en belangrijke oorzaken van onze uitdaging. 
Identificatievragen helpen je om je focus scherp te krijgen: Waarover maak je je specifiek zorgen? Is dat in alle klassen zo? Op welke domeinen?
Diagnosevragen helpen om op zoek te gaan naar onderliggende oorzaken. Die kunnen soms op een heel ander domein liggen dan je uitdaging.
Evaluatievragen zijn erop gericht om je acties of het bereiken van je doelen te evalueren. Vragen naar de effecten of impact van je acties zijn ook evaluatievragen. 



 

Oefening
Hieronder vind je een quiz om te oefenen in het onderscheiden van verschillende soorten onderzoeksvragen. 

Weergaven
40 Totaal # weergaven
40 Leden weergaven
0 Publieke weergaven
Delen op social netwerken
Koppeling delen
Delen via e-mail

Alstublieft in te loggen om dit te delen webpage via e-mail.

1. Hebben alle leraren de afgesproken zorgmaatregelen voor de brede basiszorg toegepast?
2. Hoe kunnen we ervoor zorgen dat elke leerling zich persoonlijk aangesproken voelt om zich te engageren voor de leerlingenraad?
3. Bij welke groep leerlingen is de onwettige afwezigheid het hoogst?
4. Waarom zijn onze leerlingen onvoldoende in staat om contextgebaseerde wiskundeopdrachten op te lossen?
5. Zorgt onze nieuwe taalmethode ervoor dat de leerlingen minder spelfouten maken?
6. Waarom maken onze sterk presterende leerlingen taalfouten in creatieve schrijfopdrachten?
7. Wat kunnen we doen om het leesplezier bij 10-jarigen te verhogen?
8. Hoe evolueren de resultaten voor begrijpend lezen van onze leerlingen?